Cognitieve ontwikkeling baby

Home / Ontwikkeling Baby / Groei en ontwikkeling baby / Cognitieve ontwikkeling baby

Cognitieve ontwikkeling baby

Hoe ontwikkelt zich de cognitieve ontwikkeling bij baby’s? Hoe leert je baby en wanneer gaat je baby bewust waarnemen en zijn gedrag aanpassen aan situaties in zijn omgeving? Wanneer begrijpt je baby spelletjes als ‘Kiekeboe’ en kan hij kleine ‘problemen’ oplossen die hij eerder heeft meegemaakt? Welke cognitieve mijlpalen zijn te onderscheiden?

Bij de cognitieve ontwikkeling leren baby’s om informatie uit hun omgeving te verwerken, op te slaan, om vervolgens deze verworven vaardigheden en kennis op een later moment weer te kunnen gebruiken. Kinderen komen spelenderwijs in aanraking met allerlei verschillende situaties in hun omgeving en verkennen deze omgeving door middel van kijken, horen, ruiken proeven, voelen en van alles uit te proberen. Cognitie is niet iets wat direct zichtbaar is voor de buitenwereld. Maar doordat je baby bijvoorbeeld gebruik maakt van bepaalde geluiden, gezichtsuitdrukkingen of motorische gedragingen, kan hij wel duidelijk maken dat hij nieuwe kennis heeft opgedaan.

Wat kan je baby op cognitief gebied?

maand 0 - 1

Je baby van 0 – 1 maand kan:

  • met name handelen op basis van ongecoördineerde reflexen (bijvoorbeeld zuigen aan de borst, sabbelen, slaan met armpjes) en nog enkel instinctief reageren op gebeurtenissen in de omgeving.
  • de omgeving verkennen met beperkte motorische vaardigheden (bijvoorbeeld het hoofd draaien en gaan sabbelen)
maand 1 - 4

Je baby van 1 – 4 maanden kan:

  • bepaald gedrag van zijn lichaam herhalen, toevallig ontdekt en vaak ingegeven door een basisbehoefte (primaire circulaire reactie).
  • op een simpele manier zijn gedrag aanpassen aan de omgeving. Hij sabbelt bijvoorbeeld op een andere manier aan een tepel dan aan een speen of vinger.
  • al een beetje anticiperen op bepaalde gebeurtenissen. Jouw hongerige baby stopt bijvoorbeeld met huilen als jij als vader of moeder de kamer binnenkomt.
  • gezichtsuitdrukkingen van jou als ouder imiteren. Zelfs na 24 uur is jouw baby nog in staat een uitdrukking te reproduceren!
  • vanaf de derde maand vrolijk kraaien en teruglachen als reactie op jouw als ouder. Ook begint jouw baby nu klanken na te doen en gaat hiermee volop experimenteren.
  • de omgeving met al wat beter ontwikkelde motorische vaardigheden verkennen (schoppen, reiken en grijpen). De bewegingen van jouw baby zijn nog wel matig gecoördineerd.
maand 4 - 8

Je baby van 4 – 8 maanden kan:

  • doordat hij nu kan zitten en begint te kruipen een steeds grotere aandacht krijgen voor de omgeving, de wereld wordt letterlijk vergroot!
  • door een toename van de coördinatie van de zintuigen beter grijpen en objecten manipuleren (hanteren) en jouw baby wil graag van alles uit de omgeving vastpakken.
  • interessante gebeurtenissen in de omgeving die per toeval ontstaan zijn door het eigen gedrag (secundaire circulaire reactie) herhalen. Bijvoorbeeld een mobiel boven de wieg die fantastisch mooi gaat zwaaien, wanneer jouw baby hier toevallig tegen aan trapt met de beentjes.
  • het effect van zijn eigen gedrag op de buitenwereld herkennen. Jouw baby begint te ontdekken dat als hij zelf lacht de verzorgers terug lachen.
  • spelletjes zoals ‘Kiekeboe’ fascinerend vinden, maar is meestal nog niet in staat zelf te participeren.
maand 8 - 12

Je baby van 8 – 12 maanden kan:

  • meer doelbewust handelen en steeds bewuster nieuwe effecten uitlokken. Jouw baby kan nu bijvoorbeeld een dop van zijn fles halen, omdat hij weet dat hij dan pas kan drinken (uiteraard moet de motoriek dit ook toelaten).
  • steeds beter anticiperen op bepaalde gebeurtenissen. Bijvoorbeeld bewust de armpjes omhoog doen en huilen als hij merkt dat de moeder haar jas aantrekt om te vertrekken.
  • steeds meer geïnteresseerd raken in het observeren van anderen om dit vervolgens na te doen. Jouw baby wil bijvoorbeeld ook roeren met een lepel aan tafel en een speelgoedautootje duwen als hij een broertje of zusje dit ziet doen.
  • een steeds beter besef krijgen van objectpermanentie (een voorwerp blijft bestaan, ook al is het uit het zicht). Dit kan getest worden door jouw baby een interessant voorwerp te laten zien en vervolgens dit onderwerp onder de hand of onder een doek te verstoppen. Jouw baby zal nu in staat zijn om het voorwerp terug te vinden door het doek of de hand weg te trekken en het voorwerp te pakken!
  • op deze leeftijd nog wel de neiging hebben om voorwerpen te zoeken op de plek waar ze als eerste zijn gevonden en moeite hebben om het voorwerp te vinden op de plek waar ze als laatste verstopt zijn. Ontwikkelingspsycholoog Piaget noemde dit de A-not-B search error. Dit kan getest worden door jouw baby een interessant voorwerp te laten zien, dit een aantal keer te verstoppen op plek A (onder een doek) en op een gegeven moment het te verstoppen op plek B (onder een andere doek op 20 centimeter afstand). Jouw kindje zal onder doek A naar het voorwerp zoeken!
  • simpele problemen oplossen als die overeenkomen met problemen die hij al eerder is tegenkomen en toen heeft opgelost.
Neem contact op

Stuur gerust uw vragen en/of opmerkingen